College 2 & 3 - Begrippen Flashcards Preview

Ethiek > College 2 & 3 - Begrippen > Flashcards

Flashcards in College 2 & 3 - Begrippen Deck (8)
Loading flashcards...
1

Welke 3 basis begrippen gebruiken we als we het over normen hebben?

1.) Verbod: deze is als eerste ontstaan, omdat we van nature begaafd zijn met agressie die beteugeld moet worden (want hebben geen instinct die dat voor ons doet). --> het trekken van een grens.

2.) Geoorloofd: heeft 2 betekenissen.
- neutraal/geaccepteerd (zwak goede handelingen)
- supererogatorische handelingen (buitengewoon goed / morele helden). --> Denk aan artsen zonder grenzen of verzetsstrijders die met risico voor zichzelf iets goeds doen, dat kunnen we niet van iedereen verwachten (kan soms ook betwistbaar zijn, denk aan moeder Theresa).

3.) Gebod

2

Wat zijn principes?

Betekenis: fundamentele richtlijnen.

Oftewel: de kern van een moreel systeem dat uitgedrukt wordt als een normatief principe.

Je hebt moralen die gebaseerd zijn op één principe: monistisch —> Het principe functioneert als een soort haak waar het hele morele systeem aan hangt.

Je hebt ook pluralistisch morele systemen. —> gebaseerd op intuïtieve principes (praktisch, niet natuurlijk).


——

‘topoi' = gemeenplaats

3

Wat is een principe uit de ethiek van Kant?

Het 'categorisch imperatief'.

Categorisch = onvoorwaardelijk (tegengesteld aan hypothetisch, wat volgens Kant moreel corrupt is).

"Handel zo dat je het mens zijn [humaniteit], zowel in eigen persoon als in ieder ander altijd tegelijk als doel, nooit louter als middel gebruikt."

Het is dus een verbod op totale (louter = alleen maar) instrumentalisatie.

4

Wat is een principe uit de ethiek van Bentham?

"Maximaliseer het grootst mogelijke geluk, voor de grootst mogelijke groep"

- utilitarisme

5

Wat zijn normen?

Vanaf de 18de eeuw spreken we van normen. Het zijn geen deugden of wetten, maar prescriptieve handelingsregels (typisch, niet individueel).

Moral agents -> degene die door de normen geadresseerd zijn.
Moral patiënts -> degenen tegen wie wordt gehandeld

6

Wat zijn waarden?

Dingen die we waarderen of aantrekkelijk vinden (het woord komt uit de economie). --> zijn positief geformuleerd in tegenstelling tot verboden.

Waarden bestaan niet, maar zijn geldig.

7

Wat is er problematisch aan waarden?

1.) Ze moeten geïnterpreteerd worden --> bijvoorbeeld gegoten worden in rechten en plichten voordat we er iets aan hebben qua ethiek.

2.) De verleidelijkheid van waarden is verraderlijk. Totalitaire samenlevingen zijn vaak gefixeerd op één waarde. Tirannie.

8

Wat zijn rechten en plichten?

Komen vanaf de 11de eeuw op.

Een gekwalificeerde aanspraak die iemand heeft tegenover een andere persoon, beschermd door wetten en normen.

1.) aanspraakrechten (recht op...)
2.) vrijheidsrechten (recht om ... te doen)
3.) bevoegdheden tot machtsuitoefening
4.) immuniteitsrechten