Hoofdstuk 10 intracommunautaire verwerving (IVC) Flashcards Preview

4C Belastingrecht > Hoofdstuk 10 intracommunautaire verwerving (IVC) > Flashcards

Flashcards in Hoofdstuk 10 intracommunautaire verwerving (IVC) Deck (6)
Loading flashcards...
1

Wat betekent intracommunautaire verwerving (ICV)?

Wanneer goederen uit andere lidstaat komen, oftewel een aankoop uit een andere lidstaat naar een lidstaat.

2

Ondernemer Y (uit ander EU-land) levert een partij cd spelers aan Nederlandse ondernemer X.

Wat zijn de BTW gevolgen?

> voor ondernemer X is sprake van een ICV in Nederland, belast tegen 21%

> Y dient in eigene land 0% tarief toe te passen

3

Ondernemer X (NL) levert een partij cd spelers aan andere ondernemer Z (gevestigd buiten EU).

Wat zijn de BTW gevolgen van de?

> Levering in NL belast tegen 0 %

> Z dient BTW in eigene land aan te geven

4

Bij de levering van goederen door een ondernemer uit een andere lidstaat aan een particulier, is normaal gesproken geen sprake van een ICV.

Wat zijn de gevolgen bij het kopen van een nieuw vervoermiddel in een ander lidstaat?

Als een nieuwe vervoermiddel in een andere lidstaat wordt aangeschaft is altijd sprake van ICV, ongeacht de status van de koper. De koper moet de omzetbelasting voldoen in het land waar hij woont, en niet in het land waar hij het vervoermiddel aanschaft.

5

Wat valt onder het begrip vervoermiddel?

art 2a lid 1 later f Wet OB

- landvoertuigen (auto, tractor, motorfiets, etc), mits zijn niet meer dan 6.000 kilometer hebben gereden of minder dan 6 maanden oud zijn;
- schepen, mits zij niet meer dan 100 uur hebben gevaren of minder dan 3 maanden oud zijn;
- vliegtuigen, mits zij niet meer dan 40 uur hebben gevlogen of minder dan 3 maanden out zijn.

6

Wat zijn de btw gevolgen voor de volgende situatie?

Particulier (NL) koopt een BMW bij een dealer in Frankfurt, tegelijk koopt jij nieuwe kleding.

> Over de kleding is hui Duitse BTW verschuldigd.

> Over de auto is bij in NL BTW verschuldigd.